En dan word ik nooit niet-gelukkig
- outstanders
- Nov 20, 2015
- 2 min read
Iedereen kent ze wel. Van die oude, verstrooide liefdes die van 2010 – 2013 ongeveer je leven bepaalde. Of nou ja, niet je leven. Op die leeftijden kon je sowieso nog niet helder denken. Nu, jaren later hoor je er niets meer van. Zie je op Facebook dat ze de wereld rondreizen, dat ze een huis hebben gekocht of dat ze hun profielfoto veranderen in blauw, wit en rood gestreepte kleuren. Ik vraag me dan altijd af wat er van hen geworden is. Ik vraag me ook af of ik ze ooit nog zou willen zien of dat ik me daarbij juist heel ongemakkelijk zou voelen. En was het allemaal niet een beetje ‘net-niet?’. Ik bedoel, we waren ergens rond de 17. We kwamen net uit het disco-zwem en poffertjes tijdperk en ineens had je dan een Tilburgse tongzoendate. Goede gesprekken waren er eigenlijk nooit. Of nou, dat dacht ik wel altijd. Ik vond mezelf nogal goed uit de hoek komen af en toe. Maar eigenlijk deed ik altijd maar wat. Ik probeerde met rare opmerkingen een gesprek aan te knopen. Of mensen huisdieren hebben en zo. Ergens wilde je je heel graag binden, maar aan de andere kant was je als de dood voor verkeringen. Niet dat iemand dat toen ook wilde. Je leefde in een studentenstad. Niemand had verkering daar. Liefde vloog nou eenmaal niet zo snel over de bar als een glas rosé bier.
Als je nu terugkrijgt. Wat was het toch ook allemaal prullenbakkenliefde. Totaal ongemakkelijk. Totaal nietszeggend.
Maar aan de andere kant. Zit ik nu achter een computer, telefoontjes op te nemen en Salim te appen of hij boodschappen wil doen. Aan mijn wasrek hangt nu ook af en toe zijn was en ik gebruik zijn Netflix en Spotify. Ik heb gisteren een Jupiler boxershort gewonnen bij een pubquiz en in plaats van dat ik hem op mijn hoofd zet en een pul bier leegdrink, geef ik de boxershort aan hem. Mijn vriendinnen vinden hem leuk, mijn moeder knuffelt hem bont en blauw als hij weer eens komt eten en mijn vader vertelt nog meer aan hem dan aan mij. We doen aan stadswandelingen, politieke discussies voeren, we maken grappen en zeggen dingen die er toe doen. Al dacht ik hier 3 jaar geleden nog heel anders over. Ik was bang dat ik degelijk werd. Al ben ik er nu achter dat verliefd zijn helemaal niet degelijk hoeft te zijn. Al klinken de dingen hierboven natuurlijk kneiter degelijk. Maar ik denk, zolang wij alles met een Marokkaans-Brabantse, brabonegerlijke, zelfspot kunnen bekijken, dan blijft alles goed. En dan word ik nooit niet-gelukkig.
Comments